Zondag 30 maart 2025 Sri Phang Nga N.P.
Even over half zeven zijn we alweer op pad. Te vroeg vertrokken om van het ontbijtbuffet te kunnen genieten maar we hebben ontbijtboxjes meegekregen die we onderweg nuttigen. Het is niet echt lekker. Het is een tosti broodje maar dan is het niet in het tosti-ijzer geweest. Het banaantje en het pakje sap gaan er wel in.
Na een uur zijn we in het Sri Phang-nga National Park,
dit is een laaggelegen regenwoud. Het landschap van het park bestaat uit ruige bergen bedekt met tropische bossen. Het N.P. is opgericht in 1988 en beslaat zo'n 246 vierkante kilometer.
We zijn nog vroeg de zon komt net boven de bomen uit maar warm is het wel al. We lopen het park in op zoek naar vogels (uiteraard).
De White-rumped Shama (Witstuitshama) hebben we ook alweer gespot. In het begin van de reis had Jan-Peter al gezegd deze soort kom je overal tegen. Nou we zijn een week onderweg en dat blijkt heel goed te kloppen.
Heel in de verte zien we in de holte van een boom een nest van een Bushy Crested Hornbill (Zwartkuifneushoornvogel). Twee jongen steken hun kopjes uit een gat. Ze hebben net zoals hun ouders al een behoorlijke snavel die overigens lichtblauw is net zoals hun oog.
De ouders zijn helemaal zwart als ze zitten, pas als ze gaan vliegen zie je ook de witte staartveren. De boom waar ze inzitten staat echt enorm ver. Wel 200 meter dat is wel jammer want het is een mooi plaatje. De foto's zijn dan ook niet helemaal scherp helaas.
Dan hoort de gids een bepaalde vogel, de Gould's Frogmouth (Goulds Kikkerbek). We duiken de bush in en dan plots zien we ze zitten op een tak. Moeder en zoon Gould's Frogmouth. Ineen gedoken op een tak zitten ze dicht tegen elkaar aan.
Dit is familie van de nachtzwaluw. De vogels komen alleen voor in Thailand, Indonesië, Maleisië, Singapore en Brunei en leeft in sub- en tropische laagland gebieden.
De vogels blijven rustig zitten terwijl er toch zo'n 10 man om hen heen staat met grote camera's. Af en toe een oogje open maar verder geen actie.
Dan lopen we weer verder om even later weer de bush in te duiken. In dit gebied leeft de Malay Banded Pitta (Maleise Blauwstaartpitta) een prachtig klein vogeltje. De gids heeft op een plek regelmatig meelwormpjes neergelegd en daar komt de Pitta op af. Voor de plek heeft hij een doek gespannen waarachter we verborgen kunnen staan.
We hoeven niet lang te wachten of het mannetje Malay Banded Pitta komt al aan gehipt. Het is een prachtige vogel bijna alle kleuren van de regenboog zitten in zijn verenkleed. Een paarse buik met daarboven een oranje/zwart gestreepte bef.
Gele kop met zwarte oogstreep boven op zijn kopje lijkt hij wel een wielrenhelm te hebben met oranje en rode banen, roestbruine rug en met witte zwart omrandde streep op de zijkant en een felblauw staartje. Het is echt ongelooflijk wat een mooi beestje.
De witte streep op zijn zijkant lijkt wel uit allemaal hartjes te bestaan.
Het vrouwtje wat even later ook langs komt is iets lichter van kleur. Haar buik is in het geheel oranje zwart gestreept. Ze is wat minder schuw dan het mannetje en blijft dan ook wat langer.
De Maleise Blauwstaartpitta is inheems in tropisch Zuidoost-Azië waar hij voorkomt in Maleisië, Sumatra en Thailand. Hij leeft in primaire laaglandbossen waaronder moerasbossen, maar kan ook voorkomen op hoogtes tot 1500 m. Hij eet voornamelijk insecten en fruit.
Hij wordt steeds zeldzamer omdat een groot deel van het primaire bos door houtkap en omzetting in landbouwgrond verloren is gegaan. Hij wordt ook gevangen genomen voor de illegale handel in kooivogels. Hierdoor heeft hij de status 'bijna bedreigd' gekregen.
Dan lopen we weer terug naar de uitgang waar we in het restaurantje aldaar weer heerlijk nasi eten. Dat gaat er wel weer in. Want het is erg warm en we zweten ons rot. Dus even lekker bijkomen in de schaduw is dan heerlijk.
We rijden naar Wat Bang Khrang, hier zie je nog wat overblijfselen van wat vroeger waarschijnlijk een prachtige tempel was. Maar voor ons belangrijker er zijn hier recentelijk nog uilen gezien. Ook hier lopen we een stuk door de bush om vervolgens omhoog te kijken recht in de ogen van twee uilskuikens. Met hun donkere ogen volgen ze ons precies. Het zijn twee jongen van de Brown Wood Owl (Bruine Bosuil).
Het is lastig om ze mooi van kleur te fotograferen. Ze zitten natuurlijk erg hoog in de boom vlak onder het groene bladerdak en daardoor lijken ze een beetje groenig terwijl de veren gewoon wit zijn.
Ze hebben het ook warm. Af en toe zie je ze hun nekveren bewegen om af te koelen maar verder blijven ze doodstil op hun tak zitten.
Moeder Bruine Bosuil zit twee bomen verderop alles nauwlettend in de gaten te houden. Ze is een stuk groter (vooral breder) dan haar jongen. Ze heeft enorme klauwen en een mooi gestreept verenkleed.
Als we teruglopen nemen we nog even plaats in een vogelhut die uitkijkt op een kunstmatig waterloopje. Dit trekt veel verschillende vogeltjes aan.
Het is alleen verstikkend heet in de hut dus we blijven niet lang.
We rijden terug naar het hotel waar we nog even lekker in het zwembad afkoelen. Dineren doen we weer op strand bij hetzelfde restaurant als gisteren. Vanavond is er een vuurwerkshow. Wat best spectaculair was.






















