12 april 2026 op zoek naar de Ecuadorparasolvogel
Het was half vier dat de wekker ging en ja we moesten er echt uit. Een snelle douche en alle spullen weer bij elkaar zoeken en wij zijn klaar. De chauffeur zou er om vier uur zijn, maar helaas dat is niet gelukt. We zitten te wachten en de gids probeert hem te bereiken. Blijkt het toegangshek naar het park op slot te zitten.
Gelukkig weet de chauffeur van een eerdere keer waar degene van het park woont en rijdt naar dat huis. Midden in de nacht, klop klop klop. Oeps foutje. Ze heeft mazzel dat het hek met een toegangscode open gaat dus kan ze snel haar warme bed weer in. Een kwartiertje later dan 4 uur stappen we in de auto. We rijden richting de plek waar we op zoek gaan naar een heel bijzondere vogel.
Het laatste stuk moeten we lopen en op onze rubberlaarzen glibberen we omhoog. Door een stroompje en weer verder. Zaklamp op je voorhoofd want het is nog steeds pikdonker.
Dan zijn we bovenop een berg en hier is het zoeken naar de Ecuadorparasolvogel (Long-wattled Umbrellabird, Cephalopterus penduliger). Deze is erg zeldzaam en bedreigd. Het begint een beetje licht te worden maar we zitten nog wel in de wolken (Cloudforest). We hebben ze wel al gehoord. Ze maken het geluid van een loeiende koe. Echt een heel laag booooeeee geluid. En dan komt er één aangevlogen. We zien door de mist alleen maar een silhouet en dan ook nog heel hoog in de boom.
Het is echt een heel vreemde vogel. Helemaal zwart en op zijn kop een soort scherm (vandaar de naam, Parasolvogel). Maar het nog vreemdere aan deze vogel is een soort keelzak. Onder zijn kin hangt een soort zak (vergelijkbaar met de lellen van een kalkoen) maar dan bijna net zo lang als de vogel zelf en bedekt met veren. Dit werkt als een soort klankkast waardoor het geluid ook zo laag is. Als hij geluid maakt zie je de veren rondom die zak ook meetrillen.
Helaas kunnen we niet lang blijven want er staat nog meer op het programma. De rits van de tas was al bijna dicht en er komt er weer één aangevlogen en nou zijn net de wolken wat weg en het is iets lichter. Dus snel weer de camera pakken.
Hopelijk zijn er wat foto's gelukt.
Dan moeten we echt gaan en glibberen we weer naar beneden terug naar de auto.
Nu het licht is geworden zien we in wat voor prachtige omgeving we rondlopen.
Bij de auto zien we nog een twee hele grote vogels. Ze zitten op een hek in de wolken en blijken enorm schuw te zijn en worden dus bijna nooit gezien. Zoals wij zijn willen we ze toch op de foto zetten. Het zijn een soort kalkoenen met een grote kruin. Het is de Kuifsjakohoen (Crested Guan, Penelope purpurascens).
We brengen de lokale gids weer thuis waar zijn vrouw al druk bezig is in haar keukentje om empanades te maken. We krijgen een warme empanada mee, heerlijk.
Door de poort met creatief contra gewicht rijden we langs de Rio Blanco naar de volgende stop.
In een ander gebied van de MCF (Milpe Cloudforest Foundation), het Rio Silanche Bird Sanctuary, gaan we ook op zoek naar andere soorten vogels. Er is hier een uitzichttoren waar we bovenop klimmen en in de toppen van de bomen kunnen kijken. Helaas is het erg stil qua vogels, het is dan ook al erg warm. We zitten ook qua hoogte weer een paar 100 meter lager en dat merk je ook direct in de temperatuur.
We lopen een mooi rondje over een keurig aangeveegd pad. Alle bladeren keurig naar de kanten geveegd. Het is heel stil dan horen we plots een trogon (de Blue-tailed trogon) die moeten we toch kunnen vinden. Dat is nog lastig maar als ie een stukje verder vliegt kunnen we hem volgen en uiteraard gaat ie tussen de takken en bladeren zitten heel hoog in de boom. Maar zijn azuurblauwe rug kunnen we met de verrekijker heel mooi zien.
Even later zien we bovenin een andere vogel, de Rosse Motmot (Rufous Motmot, Baryphthengus martii). Deze is ook felgekleurd maar ook hier kontenfotografie (hij zit met zijn rug naar ons toe). Maar laat daarbij wel zijn twee hele lange gespleten staartveren zien met allebei onderaan een rondje. Op het plaatje in het boek zien we hoe mooi gekleurd deze vogel ook is.
Af en toe horen we nog een vogel maar helaas zien we ze niet totdat we bij de auto zijn daar zitten weer een aantal leuke vogeltjes. Waaronder de Zwartgestreepte muisspecht (Black-striped Woodcreeper, Xiphorhunchus lachrymosus) die druk bezig is met het verzamelen van nestmateriaal.
Onderweg dan ook maar wat bloemetjes en een vlinder gefotografeerd.
We stappen weer in de auto en gaan naar de Frutti Tour, geen idee wat dat inhoudt. De gids had het steeds over heel veel verschillende fruitbomen waar ook veel vogels zouden zitten. Nu hebben we vandaag tot nu toe een beetje pech gehad met de hoeveelheid vogels die we gezien hebben. Dus ja wat verwacht je dan, een boomgaard waar je kan wandelen.
Nou niets van dat al. Een mooi overdekt terras met uitzicht over een tuin met inderdaad allemaal verschillende fruitbomen. Verstopte waterbakjes en bamboe balken met daarin verstopte geprakte banaan. En daar zijn heel veel vogels gek op.
Zo zit er een vrouwtje Roodkopbaardvogel (Red headed Barbet, Eubucco bourcierii) te snoepen van een paar vruchten.
Het mannetje heeft een fel rode keel en kop. Zijn buik- en rugveren hebben wel dezelfde kleuren als het vrouwtje.
De Geschubde Baardvogel (Orange fronted Barbet, Capito squamatus) een andere barbet soort vliegt hier ook rond.
Wel honderden vliegen er hier rond. Ook heel veel nieuwe soorten. Waaronder een paar spechten, zoals de Groenband grondspecht (Golden-olive Woodpecker, Colaptes melanochloros)
En de Zwartwang specht (Black checked Woodpecker, Melanerpes pucherani)
En ook heel veel kolibries je weet niet waar je kijken moet. Eerst maar gewoon kijken. De Hummingbird feeders hebben allemaal nummers en de eigenaresse benoemt ze allemaal. Wat zijn er verschrikkelijk veel verschillende soorten Hummingbirds. Ongelooflijk met hun fluoriserende kleuren en mega snelle vleugelslag vliegen ze van feeder naar feeder.
De Witnekkolibrie (White-necked Jacobin, Florisuga mellivora) valt direct op met zijn felblauw/paars fluoriserende nek.
Doordat er hier meer licht is, hebben we deze ook mooi vliegend kunnen vastleggen.
Hummingbirds (in het Nederlands kolibries) zijn vogel(tjes) uit de familie Trochilida, en inheems in het Amerikaanse continent. Ze kunnen als enige vogels ter wereld achteruit en ondersteboven vliegen. Hun vleugels maken een zoemend geluid dit komt omdat ze zo snel slaan soms tot wel 80 slagen per seconde. Door hun extreem hoge stofwisseling consumeren ze per dag nectar en insecten met een gewicht dat soms zelfs drie keer hun eigen lichaamsgewicht is. Ze hebben een gigantisch hoge hartslag die kan oplopen tot 1200 slagen per minuut, zelfs in rust is hun hartslag nog 250 slagen per minuut.
Ze variëren in lengte van 7 tot 13 cm. Een hummingbird kan niet lopen en alleen maar vliegen of zitten. Het is de allerkleinste vogelsoort ter wereld, de kleinste weegt maar 1,8 gram. Ze wegen zo weinig doordat ze minder botten hebben dan andere vogels en veel botten zijn hol en extreem dun. Hun tong is twee keer zo lang als de snavel. We hebben één soort gezien met een rode snavel. De Roodstaartamazilia (Rufous-tailed hummingbird, Amazilia tzacatl)
In de nacht daalt hun lichaamstemparatuur met ruim 10 graden om energie te besparen. Als het regent vliegt de hummingbird gewoon door, maar kan dan minder voedsel vinden omdat veel bloemen dan sluiten. Daardoor sterven er veel door voedseltekort als de regen langer dan een week aanhoudt. Ze komen voor van Alaska tot Vuurland (Zuid-Amerika) maar de meeste soorten vindt je in de tropen. In Ecuador alleen al zijn er ruim 130 verschillende soorten.
De felle, iriserende kleuren van de hummingbirds komen niet door pigmenten in hun veren, maar door de speciale structuur van de veren. Het licht wordt als het ware opgesplitst, net als bij een regenboog of een zeepbel. De baardjes van de veren bevatten speciale, met lucht gevulde celstructuren (melanosomen) die op minieme pannenkoekjes lijken. Wanneer zonlicht op deze structuur valt, weerkaatsen de verschillende lagen van de 'pannenkoekjes' het licht. Omdat de structuur de lichtgolven buigt, verandert de kleur en intensiteit zodra de vogel beweegt of als de hoek waaronder je kijkt verandert. Zoals deze prachtige groen/blauwe Vorkstaartbosnimf (Fork-tailed Woodnymph, Thalurania furcata).
De Zwartkruintityra (Black-crowned Tityra, Tityra inquisitor) lijkt daarbij vergeleken maar heel saai. Maar blijkt wel een zeldzaamheid te zijn te horen aan de reactie van twee andere bezoekers.
De Vuurrugtangare (Flame-rumped Tanager, Ramphocelus flammigerus) heeft dan alweer wat meer kleur.
En veel teveel foto's maken. Dat wordt nog een maand vakantie nemen om alles uit te zoeken. Bij terugkomst in Bellavista blijken we samen al op ruim 5000 foto's te zitten en het is dag drie.
Op het laatste stukje naar de lodge zien we nog een mooie havik. De Wegbuizerd (Roadside hawk, Rupornis magnirostris).
En dan zijn we weer terug in Bellavista waar we de foto's op de laptop zetten en even lekker gaan douchen, want wat een gezweet hier. De sokken die we twee dagen terug hebben uitgespoeld zijn nog net zo nat dus het elektrische kacheltje maar even aan want dit schiet niet op.
Dan is het alweer tijd voor het diner en komt de eigenaar van de lodge (een Engelsman die na zijn vakantie in 1981 besloten heeft in Ecuador te blijven en uiteindelijk deze lodge heeft neergezet) nog even buurten, leuk. Na het eten kwam de Olinguito langs. Dit is een nacht diertje wat hier in het reservaat nog maar 13 jaar terug is ontdekt. Elke avond leggen ze bananen klaar en komen ze langs. Het is een beestje wat nog het meeste lijkt op een Lemur met van die hele grote ogen. Van kop tot staart zo'n 75 cm en lijkt op een klein beertje met een hele giga lange fluffy staart.
Wiki verteld hierover:
Bassaricyon neblina is een zoogdier uit de familie kleine beren (Procyonidae), behorend tot het geslacht slankberen. De ontdekking van de soort aan de hand van materiaal in de collectie van het Field Museum of Natural History werd op 15 augustus 2013 bekendgemaakt. De soort komt van nature voor in de nevelwouden van de Andes in Colombia en Ecuador.


























